Grand Chess Tour Kroatië

7 jul 2019 | herman
Grand Chess Tour Kroatië

De meeste aandacht ging natuurlijk uit naar het 2de onderdeel van de Grand Chess Tour, in het internationaals 2019 Croatia Grand Chess Tour, maar te onzent zeggen we gewoon GCT Kroatië. Plaats van handeling was de hoofdstad Zagreb, waarvan u weet (of verneemt) dat die in het noorden ligt van het wat sikkelvormige land, dichtbij de grens met Slovenië, de meest westerse van de voormalige Joegoslavische deelrepublieken. GCT Kroatië was het eerste van twee klassieke tornooien in het GCT-circuit (Sinquefield Cup is het andere), dat daarnaast 5 Rapid & Blitz events telt. Ivoorkust Rapid & Blitz hebben we al gehad, afgelopen mei, en daar nam Carlsen maar meteen de kop. Intussen zit hij dit jaar al aan 7 eindzeges op rij, en dus kon hij hier z’n 8ste titel plukken én zijn 1ste stek in de GCT-tussenstand verstevigen. Dat was niet alles: als hij een goed tornooi zou spelen, zou hij zeer dicht bij z’n hoogste ELO kunnen komen, of zelfs z’n persoonlijk record breken. Nota bene: we zijn een goed halfjaar na het WK, toen hij niet meer dan enkele luttele punten voor Caruana stond …  

Klassiek, dat wel, maar met een ongewoon tempo: 130 minuten per speler per partij, plus een delay van 30 seconden per zet. Let op: geen increment dus, en het verschil is niet onbelangrijk. Bij increment krijg je (bv.) 30 seconden extra bij elke zet, maar als je sneller speelt, bv.als je je zet doet na 17 seconden, dan is de rest van die 30 seconden zuiver tijdwinst: in dit voorbeeld heb je zo 13 seconden gesprokkeld, die je later kunt opsouperen. Bij een delay vervalt alles wat je niet hebt opgebruikt en ben je die 13 resterende seconden gewoon kwijt. Extreme casus: als je nog maar 1 seconde over hebt en je verbruikt je hele delay, heb je vervolgens nog net evenveel tijd als wanneer je maar enkele seconden van je delay hebt gebruikt, namelijk diezelfde ene seconde van daarvoor. Tijd bijwinnen kan dus niet: als je eigenlijke tijd tot punt x is gezakt, kun je nooit meer hogerop. Integendeel, als je delay niet volstaat, zakt je tijd verder naar beneden, en als x maar 1 seconde was, duurt dat erg kort.

Een en ander werpt meteen de vraag op wat dat gegoochel met tempo’s, formules en formats eigenlijk oplevert. Alvast werd hier niet het ridicule systeem van Altibox Norway toegepast, met zo nodig een Armageddonspel om zeker een winnaar te hebben, en zie: het aantal remises nam geenszins toe. Wel was het zo dat 7 van de 11 ronden niet meer dan 1 beslissend resultaat telden (2 geen enkel en 5 slechts 1), maar er waren ook bloeddoorlopen ronden (5+, 4+ …) en globaal lag het aantal remises iets lager (71%) dan in Altibox Norway (75%).

Met een 3 op 3 begon Nepomniachtchi furieus aan het tornooi, tenminste als je alleen naar het resultaat kijkt, want hij zat minstens twee keer in heel zwaar weer. Carlsen, die scoorde tegen plaagvriend Giri,  en So, die de zelden verslaanbare Ding wist te kloppen, volgden op een vol punt, terwijl de rest, plusloos, aan 50% of minder stond. Enkel Caruana had ook al een zege te pakken, maar had ook een keer in het zand moeten bijten.

Ronde 4 was een maat voor niets, althans cijfermatig: 6 remises, maar daar stond tegenover dat er zware strijd werd geleverd. Zowel Carlsen-Mamedyarov als Vachier-Lagrave-Giri hadden elke kant op gekund, en ook Aronian en Caruana bakkeleiden hard voor het punt. In de drie andere partijen werd er ook niet bleekjes geschoven. Met name leider Nepomniachtchi moest vol aan de bak om de meubelen te redden tegen Karjakin, en de vraag hoe lang zijn geluk nog zou duren kwam dan ook nadrukkelijk opborrelen.

In de 5de ronde bracht enkel de partij Giri-Ding wat meer tekening in de stand. De Chinees veerde netjes terug na zijn nederlaag van de vorige dag, en de Nederlander was slachtoffer van dienst. De anderen speelden remise, maar alweer niet onverdienstelijk. Ding ging trouwens even door op zijn herwonnen elan en smeerde in ronde 6 Nepomniachtchi zijn eerste verlies aan. Het was meteen ook de bloedigste dag van het gebeuren: ook in 4 andere partijen werd gewonnen, m.n. door Carlsen, Caruana, So en Arionan. Dat gooide de stand behoorlijk door elkaar: Nepomniachtchi werd bovenaan bijgehaald door So en Carlsen, Caruana, Ding en Aronian volgden op een half punt.

Na de enige rustdag kreeg Nepomniachtchi zijn volgende tik: in het klassieke schaak had hij nog nooit verloren van Carlsen, maar deed dat deze keer in eigen-schuld-dikke-bultstijl. Er wordt overigens wel eens vaker geblunderd in het tornooi, althans volgens de digitale kenners, maar je ziet het de Noor niet zo meteen doen. Het was meteen het enige beslissende resultaat in ronde 7, waarin ook minstens 3 bloedeloze remises voorkwamen, en daarmee werd Carlsen de enige leider. De contouren van een 8ste tornooizege op rij werden almaar scherper.

In ronde 8 deed Carlsen zijn kunststukje nog eens over, deze keer zonder kapitale blunder van z’n opponent: in 7 klassieke partijen had hij Ding nog niet kunnen verslaan, deze keer was het zover, in wat de Noor zelf “een grote zege” noemde. Hij zadelde het nummer 3 van de wereld op met een uitgekiend stukje van zijn WK-voorbereiding, en het kostte Ding behoorlijk veel tijd om de gepaste tegenzetten te vinden. Dat leek te lukken, maar Carlsen had het loperpaar en wist in een hoogstaand eindspel feilloos te converteren naar winst. Twee andere winstpartijen: onderaan won Giri van Mamedyarov, bovenaan versloeg So landgenoot Nakamura. Daarmee bleef de Filipijnse Amerikaan op een halfje van Carlsen en was hij vrijwel de enige die de wereldkampioen nog echt kon bedreigen: het drietal Caruana, Nepomniachtchi en Aronian volgde al op anderhalf punt.

Stilte voor de storm in ronde 9, al doet die uitspraak misschien geen recht aan de kwaliteit van het geleverde spel. Vijf remises die niet veel veranderden – So overleefde wel miraculeus tegen Nepomniachtchi – en één zege die er niet echt toe deed (Mamedyarov versloeg Anand). Relatieve ‘stilte’ dus, voor de mogelijk beslissende clash tussen So en Carlsen. Met nog twee ronden te gaan waren de achtervolgers zo goed als uitgeschakeld.  

Toeval of niet, maar nu er zoveel op het spel stond ging veiligheid voor alles: alle partijen van de 10de ronde eindigden in remise, en deze keer was er heel wat minder vechtlust te bespeuren. Vijf van de zes partijen waren in twee uur afgelopen, enkel Caruana en Mamedyarov werkten zich meer en langer in het zweet. In de clash So-Carlsen nam wit geen risco’s en zwart liet het zich graag welgevallen. Het zou dus in de laatste ronde moeten gebeuren, of helemaal niet.

Die laatste ronde is vanmiddag (t/m vanavond) gespeeld. Zonder veel belang was de zege van Giri op Nepomniachtchi, die na zijn blitse start aardig wat heeft mogen incasseren. Belangrijker was wat in de voorste regionen gebeurde. So hield Aronian op remise, terwijl Carlsen vaardig zijn eitje pelde met Vachier-Lagrave, wiens nieuwtje niets opleverde en die later een aantal keren in de fout ging. Daar hoeft geen tekeningetje meer bij: Carlsen wint met een punt voorsprong op So en twee op Aronian en Caruana. In de GCT-tussenstand tankt hij 20 punten, waarmee hij zijn voorsprong substantieel vergroot. So krijgt er 15, Aronian en Caruana elk 11 en de rest verdeelt de kruimels. Na Ivoorkust en Kroatië is So de enige die maar een straat achter staat op Carlsen: 22 versus 33 punten. Alle anderen staat ten minste op 2 straten, soms hele lange …

Slot. Wat kunnen we nog concluderen? Wel, dat je geen Armageddon nodig hebt in het klassieke schaak, maar eigenlijk wisten we dat al. Over Carlsen kunnen we nog wel wat noteren. De wereldkampioen heeft nu inderdaad acht tornooizeges op rij, en aangezien de volgende tornooien er snel aankomen, zullen we snel weten of hij de reeks voortzet. Verder is hij, in het klassieke schaak, nu al 76 partijen ongeslagen. Nog niet zover als Ding even terug, maar hij lijkt momenteel niet bepaald rijp voor een nederlaag. Ook daar dus de vraag: quousque tandem[1], Magnus? En dan is er nog een recordachtig gegeven. In de officiële FIDE-ratings is Carlsens hoogste rating 2882 (april 2014). In de live ratings heeft hij nu 2881,7. Sommigen spreken al van een evenaring: 2881,7 wordt afgerond naar 2882, toch? Anderen wijzen erop dat hij live ooit hoger stond: 2889,2 (21 april 2014). Maar dat is niet officieel, dus ik vind het niet tellen. Net zomin als de 2881,7 van vandaag: wat desgevallend telt is zijn ELO op 1 augustus, al de rest is sensatiezucht. Al heeft dat ook zijn charme: tenslotte is hij nu echt maar een flinterdun haartje verwijderd van een nieuwe mijlpaal. Wow! En misschien wel, op naar 2900 …

 

 

[1] Naar Cicero’s eerste redevoering tegen Catilina: “Quousque tandem abutere, Catilina, patientia nostra?” (Hoelang nog, Catilina, zul je ons geduld op de proef stellen?)

RSS-feed  SKOG op Facebook SKOG op Twitter Youtube  Picasa 

Skotto

55 gokken geregistreerd

Laddertoernooi

0 spelers aangemeld

Dagelijkse puzzel

Laatste reacties

Belgian Chess History

Liga Antwerpen

SKOG op Facebook

Actueel

Kalender

1 jaar geleden

10 jaar geleden

Fotoalbum

Handig